Froukje

Een avond met een glimlach

26 04 2010 | reacties (3) | reageren

Vrijdagmiddag, ik mag bijna naar huis. Ik zie op de planning dat het een rustig weekend wordt. Tijd om in de zon een boek te lezen. En dan.. blijkt degene die dit weekend avonddienst heeft, ziek. Ik heb geen bijzondere plannen, dus ik neem de extra dienst op me. Want die zon, die is er nog de hele lente en zomer.

Zaterdagmiddag stap ik de deur uit. Mijn dienst begint rustig. Cliënten zijn kalm en vriendelijk, er gebeuren geen ‘gekke dingen’. Het is een avond om met een glimlach af te sluiten.
Na anderhalf uur avonddienst en nog drie uur en acht cliënten te gaan, zit ik bij een mevrouw aan tafel. Ik heb haar insuline gegeven. Dan word ik gebeld: een alarmoproep.

Een mevrouw is gevallen en ze kan zelf niet opstaan. Hebben we een sleutel? Nee, helaas. Is er iemand om de deur open te doen? Ja, dat doet mevrouw zelf. ‘Zelf?’, denk ik verbaasd.

Door het raampje bij de deur van de woning van mevrouw, zie ik haar iets verder op in de gang liggen. Ik roep, ze hoort me. Ik vraag of ze de deur kan openen. Maar helaas, ze heeft al haar krachten verspild. De buren hebben een sleutel, maar zijn weg. Wat nu?
Ik overleg met mevrouw. Moeilijk kan ik haar verstaan. Ze heeft pijn, er is veel bloed en ze voelt zich niet lekker. Ik bel eerst de politie. Dan 112 voor een ambulance, want ik weet niet goed hoe mevrouw er aan toe is. Ik zit op de grond bij haar voordeur en probeer met haar in contact te blijven.

Dan hoor ik sirenes en binnen vijf minuten zijn politie, ambulancepersoneel en ik binnen. Mevrouw is overdonderd door zoveel mensen en ligt er hulpeloos bij. Het is een ware veldslag in huis. Spullen zijn omgegooid en er is een spoor van bloed. Mevrouw heeft anderhalf uur lang zelf geprobeerd overeind te komen en uiteindelijk het nummer van Thuiszorg Groningen gebeld. Ze ziet mij en herkent me als de persoon die bij haar voordeur zat. Ik pak haar hand even. Ze heeft tranen in haar ogen, maar glimlacht naar me. Wat een dappere vrouw.

En dan.. ben ik blij dat ik bij haar voordeur mocht zitten.

reageer op deze blog >>

Kan me volledig aan sluiten bij Jonna en Fineke...... Ik zie het voor me Froukje, mevrouw aan de ene kant van de voordeur en jij aan de andere kant en mevrouw gerust stellen. Het zijn inderdaad leuke verhalen om te bundelen!!! Groetjes Alide

van Alide uit op 03-01-2011

Leven is meedoen

19 04 2010 | reacties (1) | reageren

In de zorg kunnen we niet zonder mantelzorgers. Ik moest afgelopen weekend denken aan een mooi voorbeeld van mantelzorg, dat ik zag met Pasen. Even geleden, maar nog steeds in mijn gedachten.

Het is paasmaandagavond. Ik loop met een groep vrienden op een donker landweggetje ergens in de provincie Groningen. We zijn onderweg naar een paasvuur. Dan stopt er een auto. De bestuurder (ik zeg: zoon) stapt uit, loopt naar de bijrijderkant en helpt zijn ‘oude vader’ uitstappen. Uit de kofferbak komt een rollator. Dan loopt ‘oude vader’ kromgebogen achter zijn rollator het donkere landweggetje af. Blijkbaar heeft ‘oude vader’ net als ik de grote blubberplassen in het weiland met zijn rollator getrotseerd, want ik zie hem even later in een groepje zo’n tien meter van het paasvuur staan. Dit beeld ontroert mij, merk ik. Mijn aandacht wordt er steeds opnieuw naar toe getrokken. Waarom?

Ik maak er mijn verhaal van: zoon is vanmiddag bij ‘oude vader’ op bezoek gegaan. Ze aten samen en vanavond vroeg hij zijn vader of hij zin had om mee te gaan naar het paasvuur in het dorp. ‘Oude vader’ denkt aan voorbije jaren. Hij vond het steeds moeilijker om het stuk te lopen. Maar zoon zegt: ‘we gaan met de auto, dan hoef je alleen nog maar het laatste stuk te lopen’ . ‘Wat heerlijk’, denkt ‘oude vader’, ‘nu kan ik toch even de mensen van het dorp spreken, net als andere jaren’. Zoon is mantelzorger van ‘oude vader’.

Er wordt steeds meer verwacht van mantelzorgers, omdat de AWBZ ‘zo ontzettend duur is’… Ik vraag mij af: wanneer kinderen en andere mantelzorgers zo druk moeten zijn met zorgen, zorgen, zorgen… is er dan nog tijd en energie om samen leuke dingen te doen, om te zorgen dat oude vaders en oude moeders mee kunnen blijven doen in het leven. Help! Hoe kunnen we zorgen dat de AWBZ ‘goedkoper’ wordt én ondertussen overbelasting van mantelzorgers tegen gaan?

Leven is niet in de eerste plaats ‘goed verzorgd’ zijn. Leven is ‘meedoen’. Deze zoon zorgde ervoor dat ‘oude vader’ mee kon blijven doen. Ik werd warm van het paasvuur, maar ook van vader en zoon.

Ik wens dat zoon niet overbelast raakt.

reageer op deze blog >>

Hey Froukje! Erg leuk om je stukjes te lezen, heel beeldend en boeiend! ga zo door! liefs Jakoba

van Jakoba uit op 20-04-2010

Boven verwachting

12 04 2010 | reacties (1) | reageren

Je kunt dat zo hebben… Dat dingen helemaal anders gaan dan verwacht.

Toen ik vorige week terug kwam uit een vergadering, lag er een notitie dat ik een cliënt moest terugbellen. Onheilspellend schreeuwde de naam van de cliënt van het papier. Ik moest even denken aan een boek dat ik dat weekend las; De thuishulp van Jet Berkhout. Leuk en erg herkenbaar. In haar boek besteedt ze een hoofdstuk aan een cliënt waarvan de wijkverpleegkundige zegt: ‘je hebt het weer overleefd!’. Nu, zo’n cliënt is die van mijn terugbelnotitie ook. Wanneer je deze meneer geholpen hebt en weer buiten de deur staat, merk je dat je je adem een poosje ingehouden hebt en je weer vrij voelt. Ja, zorgvragers zijn niet altijd makkelijk.

En dus drukte ik met het zweet in mijn handen het telefoonnummer van deze meneer in en bereidde ik me voor op een confrontatie.

‘Jaaaah…’
‘Goedemiddag, met Froukje.’
‘Oh, Froukje, o ja.’

Een beetje verbaasd en ook wat argwanend over zijn enthousiaste begroeting, vroeg ik hem waar hij me over wilde spreken. Het ging over iets wat ik een paar weken geleden voor hem geregeld had. Die ochtend was degene die ik gevraagd had te komen, bij meneer op bezoek geweest. En meneer was zeer tevreden.

Hij wilde me dat gewoon even vertellen. Meer niet… er was niets mis, er was geen geschreeuw aan de andere kant van de telefoon te horen.

‘Ik ben blij dat ik heb kunnen helpen.’
‘Ja, ik ook.’
‘Tot de volgende keer, fijne middag nog!’

Met een glimlach hang ik op. Het was een normaal gesprek, voor iemand die zou meeluisteren. Voor mij was het een bijzonder gesprek. En een gesprek waar ik een beetje trots op ben. Want dit betekende dat de energie die ik gestoken heb in het opbouwen van vertrouwen niet voor niets is geweest. In dit geval had ik de hoop al een beetje opgegeven, maar misschien.. biedt dit mogelijkheden om nog wat meer te bereiken. Ik hoop het.

Om terug te komen op de opmerking in het boek ‘De thuishulp’: ik had het zeker overleefd! Zou het de lente zijn?

reageer op deze blog >>

mooi, jij kan leuk, schrijven, vanuit je hart. Het zijn soms de kortste momenten die de hele wereld betekenen.

van lea uit op 07-05-2010

Een uur en vijftien minuten

05 04 2010 | reacties (0) | reageren

Professionalisering van de zorg, innovatie, veranderprocessen en budgetbewaking. Ik ben verpleegkundige, en daar blijken dit soort zaken tegenwoordig bij te horen. Dat wist ik al een poosje maar afgelopen week werd dit nog eens extra duidelijk. Ik en mijn collega-wijkverpleegkundigen werden gecoacht om deze begrippen in de praktijk te brengen. We moeten namelijk een gezond bedrijf blijven. Een uur en vijftien minuten hebben we die dag gesproken over hoe we als beroepsbeoefenaren onze competenties (vermogens) nog beter kunnen aanspreken en gebruiken. Met als doel de ‘productiviteit’ van het werken verhogen.

Overigens: dit uur en vijftien minuten waren ‘niet productief’.

En dan was er ook die ene cliënt waar ik die dag voor mocht zorgen. Ik kom een huis binnen vol met mensen. Mevrouw is er net komen wonen en ze geniet van een vol huis met kinderen en kleinkinderen. Ze kan niet goed meer lopen en zichzelf niet meer verzorgen. Ik help haar met douchen en ze kletst me de oren van mijn hoofd. Over vroeger, over nu. Ik geef haar wat extra tijd onder de douche, want al zittend op de douchestoel geniet ze van het warme water. Ondertussen sta ik ‘niets te doen’, maar wel te luisteren naar haar verhalen.

Als ik weg ga, kijk ik even op mijn telefoon. Daarop staat de tijd geregistreerd die ik voor de zorg nodig had. Een uur en een kwartier ben ik binnen geweest, want.. o, ja.. mevrouw had ook nog een wond die aandacht nodig had. Vijftig minuten persoonlijke verzorging en vijfentwintig minuten verpleging. Naast het plezier wat ik had, was dit natuurlijk wel ‘productie’.

Het lijken twee tegenstellingen: ‘zorgen’ en ‘productie’. Het zit het me soms in de weg als verpleegkundige, maar als beroepsbeoefenaar moeten we hiermee aan de slag. ‘Werken met zorg’ is het motto van Thuiszorg Groningen. Zeg dit motto hardop een flink aantal keren en je hoort steeds weer iets anders. Werken met zorg is ook elke dag anders. Zorgen voor het bedrijf hoort daar nu eenmaal bij.

archief

Deze video kan niet worden weergegeven. Javascript staat uitgeschakeld, of u heeft nog een oude versie van de Adobe Flash Player. Download hier de laatste Flash Player.