Ik mis nog een kip op de kippenweide. De kat met het rinkelende halsbelletje helpt me mee om hem erin te lokken. En wat gaan die honden tekeer! Al lopend in mijn oude regenjas, dito spijkerbroek en rubberlaarzen schuifel ik over ‘mijn eigen landgoed.’
Ik zie je denken, waar zit zij nou weer?
Nou, ik ben op vakantie in Les Vilettes in België. Op de boerderij. Even hele andere ‘zorgen’ aan mijn hoofd, alhoewel zorgen? Mijn hoofd is helemaal leeg! En dan is er ruimte om te dromen……
Vroeger als jong meisje wilde ik al boerin worden. Nu droom ik over een eigen zorgboerderij. Deze droom is NOG niet uitgekomen. Maar wat niet is, kan nog komen, toch? Ik kijk dan vooruit naar het jaar 2022….
Onze zorgboerderij heeft veel dieren, een grote moestuin en een flinke lap grond. We runnen een dagopvang voor jong dementerenden. Zij hebben ruimte nodig en willen in beweging zijn. Mijn partner Caroline zorgt met een aantal gasten voor de moestuin en het huishouden. Ik houd me bezig met de dieren, onze gasten en hun innerlijke gesteldheid. Zij weten namelijk wat er mis is met hun hersenfunctie en ik help hen om dit te aanvaarden. Er mee om te leren gaan. Jong dementerenden hebben vaak nog jonge partners en kinderen en hen zou ik voornamelijk in de avonduren willen ondersteunen met workshops. Om met hen te praten over leven met een dementerende partner en hun leven naast die partner.
Waarom de dieren?
Wanneer je met dieren bezig bent raak je de mens vaak diep in hun mens-zijn. Hierdoor krijg je intenser contact met ze en uiten ze zich vaak sneller. Voor mij heeft werken met dieren ook een helende werking, maar dan op een andere manier. Wanneer ik zelf met dieren werk vergeet ik alles om me heen en fleur ik helemaal op.
Dromen zijn bedrog zingt Marco Borsato, maar ik geloof daar niet in. Ik oefen nu op ‘mijn’ boerderij en leef me uit. Maar daarover volgende week meer….
Hoi Gerda. Wat leuk dat je dat samen met Carolien doet.ik wist wel van de dieren maar niet van de jonge dementerende. maar ik hoop dat jullie wens ooit uit zal komen. van Adri van Emmerik uit Culemborg
van Adri van Emmerik uit op 21-04-2010
“Bedankt voor de gastvrijheid en de informatie” zei menigeen toen ze ons Wooncentrum afgelopen zaterdag verlieten op de open dag voor de zorg. Deze open dagen zijn voor veel mensen heel waardevol. Voor de aanwezige medewerkers, onze vrijwilligers én onze gasten. Tijdens de rondleidingen, maar ook bij de verschillende informatiestands of de koffiehoek werd open met elkaar gesproken. Over hoe gezellig of hoe moeilijk het soms is om te gaan wonen in een wooncentrum met vele anderen.
Eén gesprek bleef me bij… Ik sprak met een mevrouw die onlangs in de serviceflat is komen wonen naast ons wooncentrum. Ze vertelde dat het wennen erg moeizaam ging omdat het haar ‘eigen’ huis niet meer is.
“Ik ben onverwachts verhuisd, toen na een ziekenhuisopname bleek dat ik niet meer naar huis terug kon. Mijn kinderen hebben alles voor me geregeld. Zij zochten mijn spullen uit en kochten als verrassing ook nieuwe meubels. Mijn wasmachine is niet mee verhuisd omdat mijn dochter besloot dat ik niet meer hoef te wassen. Dat doet zij voortaan voor mij.”
“En dat is moeilijk” verzucht ze, “mijn kinderen doen dit met de beste bedoelingen, maar het lijkt net alsof ik in het huis van een ander woon. En geen wasmachine, die mis ik zo! Het was voor mij zó belangrijk dat ik kon wassen op mijn moment en nu moet ik wachten tot de was terug gebracht wordt. Ik zeg het maar niet tegen ze, want ze doen enorm hun best. Gelukkig heb ik een fijne buurvrouw die me af en toe opvangt als ik het moeilijk heb.”
Die buurvrouw was er zaterdag ook en ze gaf mij een klap op mijn knie en zei: “Als jouw moeder oud wordt, niet zomaar haar spullen weg doen hoor, denk erom!!”.
Ik weet het nu, maar denkt u aan deze wijze tip als u er eens voor komt te staan??
Beneden is het een gezellige drukte geweest,maar ook boven op de meerzorg zijn vele mensen een kijkje komen nemen.Natuurlijk een mooie gelegenheid om mensen wat te vertellen over het vrijwilligerswerk.Ik hoop dat het wat opleverd. Want wij kunnen toch niet zonder hun.
van RINI uit op 23-03-2010
• U hoeft niet met de deur in huis te vallen…want hij staat al open,
• Voor een gesloten deur staan…zal u bij ons niet overkomen,
• Niemand… zal u het gat van de deur wijzen,
• En u hoeft zelfs geen voet tussen de deur te zetten om binnen te komen
We hopen alleen maar dat u….. onze deur plat zult lopen op 20 maart!
Dan is namelijk de landelijke open dag van de zorg. En ook in mijn Wooncentrum De Loericker Stee zijn we druk bezig met de voorbereidingen en zetten onze deuren open. Wij vinden een open dag altijd een leuke bezigheid, maar wat willen we hiermee bereiken?
Ons doel is om op de open dagen mensen bij elkaar te brengen. Contacten tussen bewoners, vrijwilligers, medewerkers en gasten zijn namelijk van groot belang. Niet alleen om te laten zien hoe schoon en mooi ons centrum is, of om nieuwe medewerkers te werven; het gaat mij juist om dat kleine beetje meer… De gastvrijheid, gezelligheid, humor en openheid. Wij gaan eerlijk zeggen wat er goed gaat en wat verbeterd kan worden. Zoals ook de campagne ‘Mijn tijd voor de zorg’ doet. Bewoners vertellen dan over het leven in een wooncentrum, de leuke dingen, maar natuurlijk ook de minder leuke dingen….
Zaterdag 20 maart heeft u de gelegenheid om in vele organisaties in Nederland de sfeer te proeven. Bent u nu nieuwsgierig hoe het er in ‘mijn’ wooncentrum uitziet, nadat ik de buitenkant op de foto heb laten zien…..volg dan de borden Houten en de koffie staat klaar!
Hoi Gerda, Ja dat was mijn eerste reactie ook .Het is toch een woonzorg van ons allemaal!Wij kunnen niet zonder jou en jij niet zonder ons.Ik hoop dat vele een kijkje komen nemen en dat er weer nieuwe vrijwilligers zich aanmelden want ook zonder hun kunnen wij niet.Veel succes zaterdag! en het gaat goed komen .Rini
van RINI uit op 18-03-2010
Afgelopen week is ons wooncentrum opgeschrikt door een nare kwestie. Er is ingebroken en een aantal persoonlijke spullen is meegenomen. Ik kan daar zo boos om worden. Wat bezielt iemand om ouderen te beroven? Hebben ze hun meest elementaire fatsoen verloren? Het eerste wat in me opkwam was: ‘als je er nu echt beter van wilt worden, beroof dan een bank!’
Bewoners van zorginstellingen voor langdurige zorg kunnen meedenken bij het opstellen van het zorgplan en de zorgdoelen. Er is écht aandacht voor wonen en welzijn in plaats van alleen maar oog te hebben voor lichamelijke verzorging. Maar hoe bereik je betere kwaliteit als je in je eigen appartement de spullen die je in je hele leven hebt opgebouwd niet eens veilig zijn? Vaak krijgen ouderen die verhuizen naar een verpleeg- of verzorgingshuis het advies om sieraden en kostbaarheden aan familie te geven. Maar dat zou niet nodig moeten zijn!
Op dit moment analyseer ik met een adviseur van onze organisatie de veiligheid in ons wooncentrum. Dit is een multidisciplinair wooncentrum, waar naast het wooncentrum nog negen andere organisaties gehuisvest zijn. Een prachtig huis waar heel veel inwoners van Houten dagelijks binnen komen om naar de apotheek, de specialist, het consultatiebureau of dergelijke instanties te gaan. Dit geeft veel levendigheid en afwisseling voor onze bewoners. Op die manier blijven ze deel uitmaken van de maatschappij, zoals het ook hoort.
Maar die levendigheid, die toeloop van mensen, brengt ook risico’s met zich mee. En ik vraag me af wat te doen… moet iedereen zich gaan legitimeren als ze binnenkomen, moet ik er een bunker van maken, moet ik beveiliging bij de deur zetten?
Dat kan en dat wil ik niet. Ik wil dat iedereen zich aan de fatsoenregels gaat houden.
Van spullen van een ander blijf je af!
Goed dat je iemand laat brainstormen op het thema anti inbreek. Zelf heb ik een goede strip op mijn voordeur en nog wat dingetjes op de ramen. Bejaarden 'vergeten, misschien de deur op slot te draaien. Maar inbrekers, hebben inderdaad geen fatsoen.Anders zouden zij niet inbreken.
van athy van meerkerk uit op 11-03-2010
Wat gaat er nu gebeuren met de zorg? Worden aangekondigde bezuinigingen van tafel geveegd of niet? En wat gebeurt er met de AWBZ?
Dit houdt mij bezig, maar wat me écht niet loslaat is het NIET samenwerken van de minister, zijn staatssecretarissen en de hele mikmak daarom heen.
Wat is voor mij samenwerking?
- Je vaart met elkaar de juiste koers
- Je houdt je vast aan de opgestelde visie van de organisatie
- Je handelt vanuit vakkennis, maar vooral ook met die goed ontwikkelde sociale vaardigheden. Met tact, empathie en sensitiviteit voorkom je een hoop irritatie en houd je rekening met de gevoelens van anderen
- En… je moet vooral ook willen en je niet laten leiden door andere agenda’s
En ons kabinet… was niet eensgezind om echt een vuist te kunnen maken. De discussie werd overstemd door politiek strategisch gedrag en gericht op partijbelangen. De gezamenlijke verantwoordelijkheid en het voortzetten van een gezamenlijke koers werd aan de kant gezet. De wil om samen te blijven werken ontbrak.
Voor de gelegenheid maak ik de vergelijking met ‘mijn’ wooncentrum. Ook hier is samenwerking de sleutel tot succes; een hoge kwaliteit van wonen, welzijn en zorg.
Een tijd geleden had één van de teams onderling problemen. Er werd niet meer naar elkaar geluisterd, niet meer met elkaar, maar alleen óver elkaar gesproken. Chagrijnige gezichten. Afspraken werden niet nagekomen. Er was absoluut geen sprake meer van samenwerking. En de bewoners dreigden hiervan de dupe te worden. Ziet u de vergelijking met ons kabinet?
Onder leiding van een coach ging het team om de tafel. En dit was heftig. Er werd gesproken, onderhandeld, gehuild en gelachen. Twee medewerkers wilden niets veranderen en kozen het hazenpad. De rest van het team vond het gemeenschappelijk belang terug en ging met plezier verder in hun werk.
Het lijkt heel gemakkelijk, maar niets is minder waar….Om in een periode van crisis te komen tot samenwerking moet er hard gewerkt worden. En de wil moet er zijn.
Want stel dat het team waar ik over schreef ‘gevallen’ was…..wat dan?
Je werkt in een team, communicatie is heel erg belangrijk. En niet over elkaar, maar met elkaar. Samen zou je eruit moeten komen. Af en toe wat water bij de wijn doen van beide kanten. Het is niet makkelijk, maar we hebben wel echt een wereldbaan.
van Carla Kouwenhoven uit op 09-03-2010